Hogeschool Zuyd logo
Home
Hogeschool Zuyd
Informatie alumni
Occupational Therapy at Zuyd University
Open dagen
Meeloopdagen
 
Zoeken Zoeken

Deutsch Nederlands 
Ergotherapie/Occupational Therapy, Hogeschool Zuyd
Ergotherapie/Occupational Therapy, Hogeschool Zuyd
Opleiding Ergotherapie Deutscher BachelorPraktijklerenInternational ContactsCO-OP 
Het Beroep AlumniPost HBOVacaturesLaatste Nieuws
  Ergotherapie/Occupational Therapy > CO-OP > coop@zuyd.nl
Aanleiding

Doel CO-OP Centrum

AANLEIDING
Verschillende aspecten spelen een rol in het initiëren van een CO-OP centrum binnen de Hogeschool Zuyd, verbonden aan de opleiding ergotherapie. Een korte uitwerking wordt onderstaand gepresenteerd.

Kennispoort
Hogeschool Zuyd ziet zichzelf als kennispoort en wil zijn steentje bijdragen aan de Nederlandse kenniseconomie. ("Hogeschool als Euregionale kennispoort," 2009) De opleiding ergotherapie heeft als missie een kennisinstituut te zijn waarin o.a. kwalitatief hoogstaand hbo en post-hbo onderwijs wordt aangeboden. Zij heeft tevens een expliciete keuze gemaakt voor occupation based, client centred en evidence based Ergotherapie. Bijdragen aan de verdere professionalisering van het beroep ergotherapie en het inbedden van vernieuwingen in de gezondheidszorg zijn hier een gevolg van. Prof. Dr. Helene Polatajko, department of occupational therapy and occupational science of the University of Toronto en auteur van diverse standaardwerken uit de ergotherapie, is visiting professor van de opleiding ergotherapie van de Hogeschool Zuyd. Zij ondersteunt de opleiding ergotherapie in bovengenoemde processen.

Prof. dr. Helene Polatajko en Prof. dr. Angie Mandich hebben CO-OP, Cognitive Intervention to daily Occupational Performance ontwikkeld, in eerste instantie voor kinderen met DCD.  Prof. dr. Helene Polatajko heeft Jolien van den Houten en Rianne Jansens begeleid en positief beoordeeld als instructeur van de CO-OP cursussen. Zij  heeft ons tevens uitgenodigd om dit CO-OP centrum als een Europees voorbeeld op te starten waardoor de CO-OP basis in Canada een uitvalsbasis heeft.

                                           
Helene Polatajko in gesprek met cursisten

CO-OP expertise
Client-centred, occupation based en Evidence Based Practice zijn uitgangsputen van de ergotherapeutische interventies waaronder CO-OP. CO-OP is  een therapeutische interventie die gebaseerd is op een stevig theoretisch fundament,  ondersteund door positieve onderzoeksresultaten en politiek geaccepteerd als evidence based benaderingswijze. Dit maakt het mogelijk dat ergotherapeuten evidence based kunnen werken,  er ruimte is voor de implementatie van CO-OP in het werkveld en de ontwikkeling van CO-OP producten. De vraag naar de CO-OP cursus is groeiende. Gezien de huidige onderzoeksgegevens m.b.t. het toepassen van CO-OP bij andere doelgroepen en de ontwikkelingen binnen ergotherapie is de verwachting dat de CO-OP cursus zal worden uitgebreid c.q. worden aangepast aan nieuwe inzichten.

Er is niet alleen vraag naar bijscholing over CO-OP. Jolien van den Houten  en Rianne Jansens worden ook regelmatig benaderd met vragen rond onderzoek op gebied van occupation based benaderingswijzen voor kinderen. teamontwikkeling,  implementatietrajecten, verzoeken om mee te werken aan te ontwikkelen producten, studiedagen en verzoeken om mee te denken in artikelen en ander te ontwikkelen materiaal zoals voorlichtingsboekje voor leerkrachten, Ergovaardig. Tevens blijkt dat ingediende abstracts met betrekking tot het implementatie proces en nieuwe data uit CO-OP onderzoek, zoals aan het internationale CP congres, DCD congres in Noorwegen en het WFOT positief gewaardeerd worden. Er is dus vraag naar het inzetten van onze expertise in de vorm van presentaties op internationale congressen.  Dit expertise onderdeel dient dan ook nader geprofessionaliseerd te worden.

Kinderen met DCD, een verfijndere diagnosticering:
In de jaren ’90  ontstaat vanuit een internationale samenwerking van onderzoekers een verfijndere diagnosticering van een groep kinderen die voorheen kinderen met minimale brain damage (MBD)genoemd werden. De verfijndere diagnoses betreffen ADHD, NLD, PDD-NOS en DCD. Kinderen met DCD (Developmental Coordination Disorder) betreft een groep kinderen die binnen het regulier of speciaal onderwijs problemen tonen met motorische taken zoals schrijven en gymen. Dit niet ten gevolge van een medische conditie of ten gevolge van een mentale achterstand (DSM IV). Ouders van deze groep kinderen geven aan  dat hun kind (motorische) taken onhandig of niet kan uitvoeren, te denken aan veters strikken, kleding sluiten, hanteren van bestek, leren fietsen, voetballen etc.. Taken waarvoor een bepaalde mate van motorische oplossingen gezocht dienen te worden. (Dunford, Missiuna, Street, & Sibert, 2005)

Vanaf 2000 heeft in Nederland de landelijke stuurgroep DCD gebaseerd op (inter)nationale publicaties en overleg de diagnosticering, assessment en implementatie van taakgerichte benaderingswijze voor kinderen met DCD geïnitieerd. De Leeds consensus statement uit 2006 (www.dcd-uk.org/consensus.html) heeft voor een verdere legitimatie van dit implementatieproces gezorgd. Vanaf 2009 wordt er gewerkt aan een Europese richtlijn voor de behandeling van kinderen met DCD waarin ook taakgerichte benaderingswijzen wordt aanbevolen. Vanuit dit kader is de behoefte aan gerichte scholing op het gebied van taakgerichte (occupation based) benaderingswijzen bij paramedici en ambulant begeleiders ontstaan. De in Nederland meest toegepaste benaderingswijzen zijn CO-OP (Cognitive Orientation to daily Occupational Performance) en NTT (Neuromotor Task Training). Voor de Hogeschool Zuyd aanleiding om twee van haar docenten te scholen als CO-OP instructor.

Evidence based behandeling
Voor kinderen met DCD blijkt  de effectiviteit op participatieniveau voor procesgeoriënteerde benaderingswijzen minimaal te zijn. Deze traditionele behandeling is gebaseerd op neurologische rijpingsmodellen waarbij de focus ligt op het verminderen van de motorische beperkingen. Kinderen met DCD die beperkingen in de motorische vaardigheden hebben zijn dus niet gebaat bij een behandelmethode gericht op onderliggende processen. (Geuze, 2007; Geuze, Jongmans, Schoemaker, & Smits-Engelsman, 2001; Sugden & Chambers, 1998)

Voor occupation based interventies zoals CO-OP is er voor kinderen met DCD in de leeftijd van 7-12 jaar evidence opgebouwd. (Polatajko, Mandich, Miller, & Macnab, 2001; Sugden & Chambers, 1998). In toenemende mate wordt er middels internationaal onderzoek evidence opgebouwd met betrekking tot CO-OP interventies bij andere doelgroepen/diagnoses. De CO-OP benadering blijkt ook bij kinderen met ADHD, met epilepsie, met Autisme Spectrum Syndroom, bij jongere kinderen tussen 5 en 7 jaar positieve resultaten te geven. Kinderen kunnen motorische taken in de betreffende context uitvoeren, daartoe zelf cognitieve strategieën bedenken waardoor ze een betere probleemoplosser worden voor de motorische problemen waarmee ze zichzelf in hun dagelijks leven geconfronteerd zien. Dit vergroot de mogelijkheden voor kinderen om te participeren op school, thuis, in de familie en vriendenkring. (Phelan, Steinke, & Mandich, 2009; Polatajko & McEwen, March 2009; Rodger, Ireland, & Vun, 2008)  Op dit moment zijn er positieve preliminary gegevens uit een  onderzoek naar het toepassen van CO-OP bij volwassen cliënten met CVA en bij kinderen met CP.. (Cameron, Craig, Houten van den, Jansens, & Polatajko, 2009; Polatajko & McEwen, March 2009)

(Inter) nationaal draagvlak
In 2006 werd de Leeds Concensus Statement vastgesteld waarin internationale afspraken staan vastgelegd met betrekking tot diagnosticering en behandeling van kinderen met DCD. De behandeling bestaat uit taakgerichte benaderingswijzen in de maatschappelijke context van het kind, waarbij het kind, zijn ouders en de leerkracht de doelen bepalen.

In Nederland ontstaat eind jaren ’90 vanuit de internationale samenwerking een Landelijke Stuurgroep DCD welke zorg draagt voor landelijke consensus met betrekking tot diagnosticering, assessment en behandeling van kinderen met DCD middels beleidsconferenties (Reinders-Messelink, Schoemaker, Flapper, Kloet de, & Scholten-Jaegers, 2003). Sinds 2007 kent Nederland ook een landelijke multiprofessionele paramedische werkgroep DCD welke zich bezig houdt met de implementatie van occupation based benaderinsgwijzen voor kinderen met DCD. Jolien van den Houten is als voorzitter nauw betrokken bij beide landelijk groepen.

CO-OP cursus
De tweedaagse post-hbo CO-OP cursus wordt sinds 2005 vanuit de Hogeschool Zuyd met succes aangeboden aan ergotherapeuten, maar ook aan multidisciplinaire in-company groepen. De cursus is in eerste instantie verzorgd door prof. dr. Helene Polatajko, in een later stadium heeft zij Jolien van den Houten en Rianne Jansens opgeleid en gecertificeerd als CO-OP instructeur. Naast de basis cursus wordt ook een advanced workshop aangeboden deze workshop wordt verzorgd. De schriftelijke en mondelinge evaluaties van de CO-OP cursus en van de advanced workshop zijn uitermate positief.

De ontwikkelingen zoals hierboven beschreven hebben tot de start van het CO-OP centrum  “coop@zuyd” geleid. Dit centrum staat onder de regie van Jolien van den Houten en Rianne Jansens  met als eindverantwoordelijke drs. F. Benjamins, directeur faculteit Gezondheid & Zorg van de Hogeschool Zuyd.

top